Lachen en Leren met “Can You Fix It?”
Op ‘Sense.info’, een jongerensite over seksualiteit, staat de serious game ‘Can You Fix It?’ Hier leren jongeren van 12-18 jaar hoe ze hun wensen en grenzen op seksueel gebied kenbaar kunnen maken.
In opdracht van SOA, AIDS Nederland en Rutgers Nisso heeft IJsfontein deze game ontwikkeld. De game is onderdeel van de campagne ‘Maak seks lekker duidelijk’. Een campagne die gebruik maakt van Hyves, posters in bushokjes en op scholen en online banners.
Tien filmpjes tonen situaties die uit de hand dreigen te lopen. Jongeren kunnen met een druk op de knop zelf ingrijpen wanneer ze vinden dat hun grens is bereikt. Het moment waarop ingegrepen wordt bepaalt de score. Bij vragen of onduidelijkheden kunnen de jongeren terecht bij de ‘lovecoach’, een online vraagbaak voor alle seksuele onderwerpen.
Jongeren worden op deze manier uitgedaagd om bewust na te denken over hun wensen en grenzen en die van anderen op seksueel gebied. De boodschap voor jongens is: let op signalen die meisjes geven en vraag naar wensen. Het advies aan meiden is: durf aan te geven wat je wensen en grenzen zijn. Het doel van de campagne is om jongeren weerbaar te maken tegen ongewenst seksueel gedrag.
De zeventienjarige Bram uit Dalem heeft alle filmpjes bekeken. Hij vond ze nuttig en zag er de humor wel van in. Hij behaalde de hoogste score. Bram: “Door het spel kan je de gedachten/gevoelens van beide hoofdpersonen goed begrijpen.”
Deze game valt in de categorie “health games”, een vrij recente toepassing van serious games.
Salsaparilla maakt ook health games. Zowel live als online. Zo spelen we al jaren eén van onze succes games “sturen op inzetbaarheid” waarmee we bedrijven leren om op een andere manier naar de gezondheid van hun medewerkers te kijken.
Daarnaast bracht Salsaparilla onlangs offerte uit bij een Pharmaceutisch Bedrijf voor de ontwikkeling van een game voor kinderen tussen 7-12. Doel van de game wordt het vergroten van de therapietrouw voor kinderen met astma.
Ambulancecontrol
Agressie tegen ambulanceverpleegkundigen en medewerkers van de meldkamer is een toenemend en actueel probleem. De oorzaak van het probleem ligt vaak in onbegrip of onmacht van het publiek. Zo verkeren mensen soms in de veronderstelling dat een ambulance altijd ‘op bestelling’ komt, terwijl in werkelijkheid de meldkamer ambulancezorg eerst de urgentie moet bepalen. Sommige bellers worden boos als het in praktijk anders loopt dan ze hadden verwacht. En daarnaast hebben ambulanceverpleegkundigen en –chauffeurs soms te maken met omstanders die emotioneel reageren omdat ze niet begrijpen wat het ambulanceteam aan het doen is. Die emotie kan uitmonden in agressie.
Veiligheidsregio Noord-Holland Noord ontwikkelde met subsidie van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, de serious game Ambulance Control. Met dit spel kan het publiek op een speelse manier meer inzicht krijgen in de werkwijze van de ambulancezorg.
Dit nieuwe spel geeft inzicht in het werk van de meldkamer ambulancezorg en kan door iedereen op een PC gespeeld worden. De speler zit op de stoel van de centralist in de meldkamer en beantwoordt 112-meldingen. Hij kan zo zelf ervaren dat ambulancezorg levens redt, juist door verstandig om te gaan met capaciteit. Ook hoopt de organisatie dat spelers besef krijgen dat agressief gedrag niet alleen zeer vervelend is voor de hulpverlener, maar het de hulpverlening ook bemoeilijkt. Door zelf rustig te blijven en anderen tot kalmte te manen kun je als omstander een bijdrage leveren aan een goede zorg.
Het spel is te spelen op ambulancecontrol.nl.
Leerstrategie anno 2011
Vandaag en morgen organiseert het Studiecentrum voor Bedrijf en Overheid in het WTC Rotterdam een congres over serious gaming. In twee dagen kun je hier op de hoogte worden gebracht van alle ins & outs over de ontwikkelingen in trainen en opleiden met serious gaming. Ervaringsdeskundigen geven informatie over de nieuwste vormen, technieken en didactische inzichten op het gebied van gaming. Deze deskundigen komen uit onder andere het bedrijfsleven, onderwijs, wetenschap, politiek en gezondheidszorg.
Het congres is vooral gericht op: de ontwikkeling & toekomst van serious gaming, de invloed van serious gaming op het leerproces van leerlingen en werknemers en wetenschappelijke onderzoeksresultaten naar de effecten van serious gaming.
Tijdens een crashcourse kun je, ondersteund door praktische tools, duidelijk inzicht in je gamesstrategie krijgen waarmee je zelf kunt bepalen wanneer, waarom en hoe de inzet van games en simulaties tot succesvolle leerervaringen leiden binnen je eigen organisatie.
Daarnaast geeft een verscheidenheid aan sprekers praktijkvoorbeelden van trends in opleiden en trainen (kennis delen en co-creëren, de toekomstige mix van virtuele en fysieke werelden, personalisering van content en services, empowerment en zelfsturing) en actuele onderzoeksresultaten (het belang van spel in onze maatschappij, ontwikkelingen in techniek, bewezen leereffecten).
Voor ons actuele aanbod serious games zie elders op deze site.
http://www.sbo.nl/congressen/serious-gaming
Air Medic Sky One
Psycholoog Pamela Kato en het UMC Utrecht hebben met Air Medic Sky One de prijs voor beste serious game in 2011 gewonnen tijdens de International Serious Play Conference in Redmond (VS). Kato ontwikkelde eerder de game Re-Mission, een game die jonge kankerpatiënten beter inzicht in hun ziekte geeft (zie ons blog van 11 maart 2010). En nu komt zij met deze innovatieve game over patiëntveiligheid.
Air Medic Sky One is een interactieve biofeedback game die een jonge dokter kan helpen omgaan met stressvolle, levensbedreigende situaties. Kato: “Het probleem is niet zozeer het gebrek aan medische kennis. Jonge dokters werken vaak onder hoge druk. Ze worden continu getest en maken lange dagen.” Stress leidt tot foute beslissingen en dus is het terugdringen van stress tijdens de behandeling het centrale thema van de game.
De speler krijgt bij aanvang van de game drie sensoren op zijn drie middelste vingers geschoven. Zijn hartslag en zweetvorming op de handen worden daarmee gemeten. Tijdens de simulatie komt de jonge arts in een rampgebied terecht. Patiënten met verschillende klachten komen binnen. De arts kiest wat er met de patiënt moet gebeuren, zoals scannen of een injectie en ook welke specifieke medicatie nodig is. Als de patiënt bijvoorbeeld een infuus krijgt wordt de game echt interessant: in beeld verschijnt de arm van de patiënt en met daarboven de naald. Om het infuus in de ader te krijgen moet de speler ontspannen zijn. Zweet en hartslag zijn goede indicaties van stress en via de biofeedbackmethode krijgt de speler informatie over zijn eigen stress. “We leren dokters stressvolle situaties herkennen”, zegt Kato. “En vervolgens leren we ze juist in die situatie lichaam en geest rustig te houden” Als de stress op een aanvaardbaar niveau is (teruggebracht) zakt de naald langzaam naar beneden en is het infuus ingebracht.
Voor onze eigen rampsimulaties: zie het gamesoverzicht op deze site.
www.airmedicsky1.org
Waarom trainen als je ook kunt gamen?
Sta je nog steeds met flip over en beamer voor de klas?
Doe je nog steeds de sinaasappel-casus als je win win onderhandelen uit wilt leggen?
De trainingswereld is zoo voorspelbaar!
“De wereld is veranderd”, de trainer roept het om het hardst, maar hij blijft maar vasthouden aan dezelfde vormen.
In de jaren 90 werkte ik als trainer; persoonlijke effectiviteit, time management, onderhandelen, conflicthantering, stressmanagement, situationeel leidinggeven, integraal management, teambuilding, gespreksvaardigheden, etc etc. Ik heb ze allemaal gegeven en met veel energie en bevlogenheid.
Na een jaar of vijf ging ik me meer en meer verdiepen in de resultaten van mijn trainingen. Daartoe legde ik regelmatig bezoekjes af bij mijn ex-cursisten op de werkplek. Tot mijn teleurstelling kreeg ik keer op keer te horen dat ze het hele leuke intensieve dagen hadden gevonden maar eenmaal terug op de werkplek waren ze toch weer in de waan van de dag terecht gekomen. Ze waren vergeten om het geleerde toe te passen.
Helaas..
Daar had ik dan zo hard voor gewerkt!
Toen ben ik me gaan verdiepen in onderzoeken naar “transfer of training”.
Uit die onderzoeken komt naar voren dat er drie factoren meespelen bij het bevorderen van de transfer.
1. de organisatie waar de medewerker werkzaam is,
2. de medewerker zelf die naar de training gaat,
3. de training/de werkvorm/de opzet van de training.
Factor 1 en 2 kun je managen door goed voor – en nawerk te doen. Factor 3 gaat over de opzet van de training zelf. Uit onderzoek blijkt dat het voor de transfer of training ERG belangrijk is dat datgene wat in de training besproken en geoefend wordt zoveel mogelijk moet overeenkomen met de werkpraktijk van de deelnemers.
De trainer moet dus:
- al zijn voorbeelden
- al zijn rollenspellen
- al zijn oefeningen
Op maat maken.
Zelfs zijn taalgebruik moet overeenkomen met de taal van het bedrijf waar de medewerkers werkzaam zijn. Dit waren belangrijke eye-openers voor mij.
Ik ben games gaan maken vanuit verschillende inspiratiebronnen:
- onderzoeken naar transfer of training zeggen: zorg dat de deelnemers oefenen in hun eigen werkomgeving,
- Al die theorie van ons. Steeds weer dat verhaal over 3 niveaus in communicatie. Ik wil dat verhaal niet meer uitleggen. Ik wil mensen uitdagen om het TOE te PASSEN. Daar richten wij onze games op in. Pas maar toe wat je hebt geleerd. Laat het maar zien.
- Tijdens spel. Tijdens een wedstrijd worden mensen uitgedaagd om al z’n talenten te laten zien. De energie in een game is compleet anders dan tijdens een training. Mensen stralen, lachen, rennen. Ze maken fouten. Balen, zoeken weer verder en aan het einde zijn ze blij en hebben ze geleerd.
De huidige generatie leert anders.
Digital game based learning.
Multitasken is heel normal.
Gamen is heel normal.
De gemiddelde leeftijd van de gamer stijgt in een razend tempo. Steeds meer en steeds meer oudere mensen zijn aan het gamen.
Gamen is leuk, gamen is tijdverdrijf. Gamen is een lichte manier om zware kost tot je te nemen.
Voor de gamegeneratie is ons schoolsysteem zoooo saai. Eendimensionaal leren.. dat het nog bestaat.
Wij als trainers moeten inspelen op deze nieuwe bewegingen. Ik denk dat de oer oude vorm van klassikaal trainen over 10 jaar helemaal is verdwenen. Opleiden moet mee met Het Nieuwe Werken. Opleidingen zullen steeds meer tijd en plaats onafhankelijk gaan worden. Digitale werkvormen, interactieve multimediale werkvormen, multidimensionele werkvormen, ook als het gaat om gedragsverandering; daar zit de toekomst.


